Díaz, Junot:
Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao. – Mouria, 2007. – 335 p.
ISBN 978-90-458-0008-0

Junot Díaz is afkomstig van de Dominicaanse Republiek en verhuisde op zijn zesde samen met zijn ouders naar de VS. In 1996 debuteerde Díaz met de verhalenbundel Drown (Los Boys) en de auteur werd uitgeroepen tot een van de literaire beloftes van de twintigste eeuw. Elf jaar na de publicatie van Drown verscheen The Brief Wondrous Life of Oscar Wao (2007) waarmee Junot  Díaz de Pulitzer Prize for Fiction 2008 won.

In Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao vertelt Yunior het verhaal van de sciencefiction & fantasy-nerd Oscar die opgroeit in New Jersey en kampt met overgewicht. Oscar en zijn familie worden geteisterd door de zogenaamde ‘fukú’, een vloek die de grootvader van Oscar in de Dominicaanse Republiek op zijn hals haalde door zijn dochter te willen beschermen voor dictator Trujillo. Deze vloek teistert de familie van Oscar zeven generaties lang. Oscar wordt steeds hopeloos verliefd, maar heeft geen succes bij het andere geslacht tot hij tijdens een bezoek aan zijn grootmoeder La Inca in de Dominicaanse Republiek een relatie krijgt met de prostituee Ybon, maar zij blijkt het vriendinnetje van een gangster te zijn. Beli, Oscars moeder, is in haar jeugd mishandeld geweest door haar pleegouders en kreeg later een affaire met de man van dictator Trujillo’s zus, wat haar bijna haar leven kostte. Beli laat haar traumatische verleden achter zich wanneer ze van de Dominicaanse Republiek naar de Verenigde Staten emigreert. Op latere leeftijd krijgt Beli kanker en deze verbitterde vrouw maakt het leven van haar dochter Lola, die aangerand werd door een familiebekende, erg moeilijk. Lola gaat vervolgens een tijdje bij La Inca wonen in de Dominicaanse Republiek waardoor de banden met haar Dominicaanse origine versterkt worden.

Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao is een mooie familiesaga en leerrijke roman over de geschiedenis en de cultuur van de Dominicaanse Republiek. In zijn roman geeft Díaz een vernieuwende en moderne portrettering van immigranten en kinderen van immigranten. Junot Díaz hanteert een speciale en experimentele structuur en schrijfstijl waarbij uitgebreide voetnoten de geschiedenis van de Dominicaanse Republiek verduidelijken, maar waarin ook humoristische opmerkingen worden gegeven en als het ware een tweede verhaal vormen naast het hoofdverhaal. Daarnaast hanteert Díaz ook verscheidene registers door de vele woorden in het Spanglish, verwijzingen naar sciencefiction & fantasy en slangtermen. Sommige lezers vinden deze woorden verwarrend tijdens de leeservaring, maar het was dan ook Díaz’ bedoeling om de lezer via de verscheidene registers, de vele voetnoten en de vernieuwende structuur bewust te maken van de gespletenheid van de immigrant en zich te verzetten tegen eenduidigheid en autoriteit om niet alleen inhoudelijk maar ook vormelijk te wijzen op de gevaren van een dictatuur. (TC)